In de Prins-Alexanderpolder en de Zuidplaspolder is de waterhuishouding van groot belang. Deze lage polders doen bij buitenlanders vaak de wenkbrauwen fronsen: hoe kunnen mensen hier leven? Dat is mogelijk dankzij een goed functionerend watersysteem. Toch verslechtert de waterkwaliteit in dit gebied door verschillende oorzaken. Dat blijkt uit de jaarlijkse Rapportage Waterkwaliteit 2025 van het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard. In dit uitgebreide artikel gaat Gouwe IJssel dieper in op een gebied vol Amerikaanse rivierkreeften en met steeds minder waterplanten.
Schieland
Hoewel het rapport van het hoogheemraadschap betrekking heeft op beide werkgebieden, vallen Zuidplas en een deel van Waddinxveen onder Schieland. De geschiedenis van Schieland staat in het teken van de eeuwenlange strijd tegen het water en de ontwikkeling van het hoogheemraadschap. Het gebied, gelegen tussen Rotterdam, Gouda en Zoetermeer, heeft zich door de eeuwen heen ontwikkeld van een drassig veengebied tot een vitaal stedelijk en landelijk gebied.
Hieronder staat een kaart van het gebied uit 1680, gemaakt door Frederick de Wit, afkomstig uit het archief van het hoogheemraadschap. Het gebied loopt van Schiedam tot aan Moerkapelle en Gouda. Op de kaart is het voormalige riviertje de Wilck te zien, dat destijds de Rotte bij Moerkapelle via de Hildam met de Oude Rijn verbond. Ook wordt Kortlandt vermeld, de naamgever van het latere Cortelande in de Zuidplaspolder.
Waterkwaliteit redelijk
De kwaliteit van veel wateren is redelijk, maar nog niet overal goed genoeg. Een reden tot zorg is de aanhoudende toename van Amerikaanse rivierkreeften, waardoor onderwaterplanten verdwijnen. Ook de aanwezigheid van bestrijdingsmiddelen in het water baart zorgen. Deze overschrijden vaak de normen en zijn schadelijk voor het waterleven. Positief is dat de hoeveelheid fosfaat (voedingsstoffen) in bijna het hele gebied afneemt.
In Schieland neemt het aantal locaties met onderwaterplanten steeds verder af. Het aandeel wateren met planten is gedaald van 51% in 2010 naar 21% in 2025. De afname gaat wel minder snel dan in de Krimpenerwaard. Minder waterplanten vergroten de kans op problemen, zoals troebel water en een toename van blauwalgen. Tegenwoordig wijst de aanwezigheid van waterplanten er ook op dat Amerikaanse rivierkreeften op die plek (nog) niet de overhand hebben.
Op sommige plekken was er dit jaar bruin water (door slibdeeltjes), groen water (door algen) of roestbruin water (door ijzerdeeltjes uit kwelwater), zoals in Moordrecht. Het helderste water in Schieland is te vinden in de Zevenhuizerplas, waar het zicht tot wel 10 meter diep reikt.

Verdubbeling rivierkreeften
Amerikaanse rivierkreeften komen van nature niet in Nederland voor; ze zijn ontsnapt of uitgezet. De laatste jaren worden ze op steeds meer plekken aangetroffen. De meeste kreeften blijven in het water, maar in de zomer worden ze ook regelmatig gezien in tuinen of op fietspaden. Ze hebben verschillende natuurlijke vijanden, zoals roofvissen, futen, reigers en andere vogels.
Hoewel er in de Krimpenerwaard meer voorkomen, worden ook in Schieland steeds vaker rivierkreeften aangetroffen. Een kreeft op straat in Moordrecht of Nieuwerkerk aan den IJssel is inmiddels geen bijzonderheid meer. In Zuidplas en Waddinxveen zijn er geen vanglocaties meer waar ze niet voorkomen. De piek werd gemeten in het park rond het Weeshuis in Moordrecht, waar maar liefst 117 rode Amerikaanse rivierkreeften werden gevonden. Het probleem lijkt de afgelopen vijf jaar sterk te zijn toegenomen, wat blijkt uit zowel het verdwijnen van waterplanten als de verdubbeling van het aantal rivierkreeften.

Zwemwater
Blauwalgen zijn gevaarlijk voor mens en dier en vormen daarom een grote zorg voor beheerders van zwemwater. De afgelopen jaren gold er regelmatig een negatief zwemadvies voor de buitenste baan van de Prins Willem-Alexanderbaan. Baan 9 is toegankelijk voor mensen die trainen voor lange afstanden in natuurwater. In totaal kende deze locatie in 2025 negentig dagen met blauwalg. In de Zevenhuizerplas werden het afgelopen 10 jaar geen meldingen gedaan van blauwalg.

Een andere plaag voor zwemwater is zwemmersjeuk. Dit wordt veroorzaakt door larven van Trichobilharzia, die normaal in slakken en watervogels leven. Zwemmersjeuk is hinderlijk, maar niet gevaarlijk. Aan de noordwestzijde van de Zevenhuizerplas, bij Oud Verlaat, leven veel ganzen, waardoor het probleem daar jaarlijks terugkeert. Aan de kant van Nesselande is er geen overlast van zwemmersjeuk.
Fosfaat en stikstof
Fosfaat en stikstof zijn voedingsstoffen voor planten en algen. Een teveel hiervan leidt tot een slechte waterkwaliteit. Op de lange termijn neemt de hoeveelheid fosfaat bijna overal af. In de afgelopen tien jaar is de grootste verbetering zichtbaar in glastuinbouwgebieden. In 2025 waren de concentraties fosfaat echter hoger dan in 2023 en 2024.
De veranderingen in fosfaat- en stikstofconcentraties verlopen relatief langzaam. In niet-agrarische gebieden zijn de jaarlijkse verschillen klein. In agrarische gebieden zijn de schommelingen groter, onder andere door weersomstandigheden, lozingen en bemesting.
In 2025 werd een pilot uitgevoerd met een nitraatmeter, die elke vijftien minuten de nitraatconcentratie meet. Nitraat is een goede indicator voor lozingen. Met deze meter kan continu worden gevolgd of er aanwijzingen zijn voor vervuiling. In 2025 zijn meerdere lozingen opgespoord en snel gestopt dankzij deze metingen. De nitraatmeter heeft zijn waarde bewezen, en daarom worden in 2026 extra meters geplaatst in glastuinbouwgebieden.

Bestrijdingsmiddelen
In 2025 werden 82 verschillende bestrijdingsmiddelen aangetroffen, gemiddeld 12 per meetlocatie. Er werden meer normoverschrijdingen gemeten dan in 2024, mede door gevoeligere meetmethoden. Op de lange termijn nemen de overschrijdingen en schadelijke effecten wel af. In totaal overschreden 17 stoffen de norm. De grootste overschrijding werd veroorzaakt door deltamethrin, dat op één locatie in de Zuidplaspolder de norm 5930 keer overschreed.
De belangrijkste bron van bestrijdingsmiddelen is de glastuinbouw. In deze gebieden worden dan ook het vaakst schadelijke concentraties gemeten. In het verleden had bijna elk watermonster hier een hoge toxiciteit. Inmiddels is dat verbeterd: nog ongeveer 25% van de monsters heeft een hoge toxiciteit. Hoewel dit een duidelijke vooruitgang is, betekent het nog steeds dat op een meetlocatie gemiddeld twee tot drie keer per jaar een hoge toxiciteit wordt gemeten.

Meten is weten
Het waterschap monitort de waterkwaliteit het hele jaar door met verschillende meetnetten. Daarbij wordt gekeken naar de samenstelling van het water en naar planten en dieren in en rond het water.
In 2025 zijn in Schieland en de Krimpenerwaard op 163 locaties watermonsters genomen. In totaal werden meer dan 70.000 metingen uitgevoerd van bijna 400 verschillende stoffen en kenmerken. Ook zijn 1.177 soorten planten en dieren waargenomen.

Blijvende inzet nodig
Het waterschap werkt samen met inwoners, bedrijven en overheden aan schoon en gezond water. De rapportage laat zien dat maatregelen effect hebben, maar ook dat de druk op het watersysteem groot blijft. Verdere inzet is nodig om de waterkwaliteit te verbeteren en het leven in en rond het water te beschermen.
De waterkwaliteitsrapportage van het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard is digitaal en interactief te lezen via hhsk.nl/waterkwaliteit2025. Op de website van het waterschap zijn ook actuele metingen te vinden.
